Moeten we kinderen leren om niet te liegen?

Toen ik lesgaf in de middenbouw, kreeg ik een nieuw meisje – Chloë – in de klas. Chloë was geen gemakkelijk kind. Ze loog, manipuleerde, speelde vals, deed dingen stiekem en ontkende altijd elke verantwoordelijkheid of betrokkenheid. Het lag nooit aan haar, ze had meer recht op dingen dan anderen en zij was altijd het slachtoffer en nooit de dader. Een behoorlijk ‘gevalletje’ dus.

De waarheid boven tafel

Een keer brak er ruzie uit in een groepje kinderen. Chloë werd – voor de zoveelste keer – beschuldigd van vals spelen. Zijzelf ontkende – zoals altijd – in alle toonaarden. Ze werd zelfs boos op mij, dat ik haar überhaupt durfde te verdenken van zoiets. Ze deed haar best om er wat tranen uit te persen, maar dat lukte niet zo goed.

Ik heb haar toen apart genomen – om gezichtsverlies te voorkomen – en heb haar gevraagd of ze inderdaad had vals gespeeld. Ze zei nog steeds stellig van niet, maar ik kende haar inmiddels goed genoeg om te zien dat ze hoogstwaarschijnlijk loog. Ik vertelde haar dat ik het heel vervelend vind als ze tegen me liegt, omdat ik zelf altijd probeer zo open en eerlijk mogelijk te zijn – iets wat ik ook daadwerkelijk deed en doe – en dat ik bijna zeker was dat ze loog.

Ik vertelde haar ook dat ik niet boos zou worden of straf zou geven als ze toegaf te hebben vals gespeeld, maar dat ik wél heel erg zou vinden als ze zou blijven liegen. Ik vroeg haar nog één keer of ze had vals gespeeld. Ze aarzelde even en zei toen met een schuldbewuste grijns: ja, ok, ik heb valsgespeeld. Ik heb haar toen gezegd dat ik het fijn vond dat ze eerlijk was – en dat meende ik ook – en hield mijn belofte. Geen straf. Wat mij betreft was de kous hiermee af.

Een eerlijke reactie

Ongeveer een week later kwam ik – na iets te hebben gekopieerd – de klas binnen en ik zag dat er iets was gebeurd. Er was iets kapot gevallen. Ik baalde daar behoorlijk van, want nu kon de klas een bepaald spel niet meer spelen– en liet merken dat ik niet blij was. Ik keek het groepje aan met een blik die waarschijnlijk een combinatie van teleurstelling, frustratie en verbazing uitdrukte.

Het beste vriendje van Chloë – een heel eerlijke, maar wat bangige jongen – keek heel bedremmeld en zei dat hij het per ongeluk had kapot gemaakt. Hij dacht dat het heel erg was wat er was gebeurd en vreesde duidelijk voor straf – waarschijnlijk ook door mijn moeilijk peilbare blik. Chloë kwam toen naar me toe en zei geheel uit zichzelf: ‘meester, het kwam ook een beetje door mij, want ik deed heel druk en daardoor werd Rik een beetje boos’.

Ik vond het mooi dat ze dit uit zichzelf opbiechtte en liet mijn waardering hiervoor blijken. We hebben besproken hoe jammer het is dat het ding kapot was, omdat ze er nu niet meer mee konden spelen, hoe we de boel gingen opruimen en hoe we konden voorkomen dat zoiets nog een keer zou gebeuren. Er hing een sfeer van gezamenlijkheid.

Verschillende paden

Deze geschiedenis heeft me aan het denken gezet. Moeten we kinderen afleren om te liegen, of moeten we een omgeving creëren waarin ze de waarheid durven te zeggen? Moeten we kinderen afleren om onaardig en agressief te zijn, of moeten we ze helpen om sociaal en empathisch te zijn? Moeten we kinderen afleren ongehoorzaam en opstandig te zijn, of moeten we ons onderwijs zo inrichten dat er weinig reden is om ongehoorzaam en opstandig te zijn?

Volgens mij is iets afleren veel minder effectief dan bijvoorbeeld een omgeving creëren waar kinderen eerlijk kunnen en durven te zijn. Om kinderen iets af te leren, moet je eigenlijk altijd gebruik maken van één of andere vorm van straf. Je positioneert jezelf dan boven het kind en plaatst je er tegenover. Je creëert hiermee een conflict in jullie verstandhouding. Dit kweekt verzet en verstoort de vertrouwensband.

Als we voor een veilige omgeving zorgen en ons niet tegenover kinderen plaatsen, dan versterken we de vertrouwensband juistKinderen hebben een enorme behoefte aan een sterke vertrouwensband met de volwassenen van wie ze afhankelijk zijn. Hoe groter de vertrouwensband met jou als leerkracht is, hoe meer kinderen te verliezen hebben als ze je teleurstellen. Zo kun je dus veel meer invloed hebben op het gedrag van een kind. Het vraag misschien iets meer, maar het is een investering die zichzelf uitbetaalt.

Wat zijn jouw ervaringen op dit gebied?

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *